maandag 17 maart 2008

Bloedrode rozen

De pijn in mijn hart is groeiend en bloeiend. Bloedrode rozen kruipen omhoog, langs de wand van mijn hart. Tranen vervullen mijn ogen, om wat geweest is en nooit meer hier zijn zal. Om het nu pas beseffen van dat wat voorbij is, van dat wat gedacht is, van dat wat gezien is, van dat wat nooit meer zijn zal als het was.
De doornen van de bloedrode rozen steken mijn hart wanneer ze groeien naar omhoog. Mijn hart krimpt ineen, en vult zich dan weer met tranen en pijn. De bloedrode rozen raken mijn hart, prikken mij, steken mij, tot ik het uit wil schreeuwen van pijn en verdriet, om wat voorbij is en nooit meer wezen zal. Ik wil ze snoeien, die bloedrode rozen, ik wil ze kwijt. Maar snoeien lukt niet meer, het is voorbij…

donderdag 17 januari 2008

Gevuld met een zwart hart

Even leek de wereld alleen uit donkergrijs en zwart te bestaan. Kleuren verdwenen uit mijn gedachten en maakten plaats voor donkere grijstinten. Mijn geest liet geen ruimte voor ook maar een enkel spoortje kleur. Mijn omgeving was al gekleed in een stemmig zwart met grijs en nu had ook mijn geest dat overgenomen. Overmand door een vreemd wee gevoel, dat bestempeld kan worden als gemis, vulden mijn ogen zich met tranen, groeide mijn verdriet. Mijn hart vulde zich met zwart in uren durende seconden.

Enkel de zon leek roet in het eten te willen gooien en niet mee te doen aan mijn, met zwart gevulde, hart. Want net toen mijn geest de kleuren verdreef en mijn hart vervuld werd met zwart, scheen zij haar licht de ruimte in. Stiekem om een hoekje, doordringend tot in het diepst van mijn ziel. Hier had ik om gebeden! En God had mij verhoord.